De gevoelswaarde der dingen (4)

Aan het eind van de laatste uitzending van het VPRO programma ‘Zomergasten’ editie 2011, roept presentator Jelle Brandt Corstius kijkers op om zich aan te melden als VPRO-lid. Naar verluidt levert deze oproep de VPRO 550 nieuwe leden op. Brandt Corstius zegt te hebben gehandeld in onschuld. Hij wist niet dat het niet mocht. Hoe het ook zij; hij heeft aangetoond dat het onder de juiste omstandigheden mogelijk is om potentiële  leden te verleiden om de stap te maken en lid te worden. Een succes waar menig bestuurslid van een Nederlandse vereniging zich door kan laten inspireren. Want hoewel er in het Nederlandse verenigingsland vele voorbeelden zijn van organisaties waarvan het ledenaantal stijgt (de Koninklijke Nederlandse Voetbal Bond, D66, de ANWB en de TROS bijvoorbeeld), lijkt er brede overeenstemming over de conclusie dat de trend bij ledenverenigingen neerwaarts is. Een ontwikkeling die menigeen zorgen baart.

Dalende ledenaantallen, een vergrijzend ledenbestand, geringe bereidheid om te participeren: het zijn inmiddels veel besproken onderwerpen in bestuurskamers. Veel verenigingen weten dat er iets moet gebeuren, maar de sleutel voor het behoud van leden of het aantrekken van nieuwe leden is (nog) niet gevonden. Vooralsnog gebeurt er weinig, of wordt de onrust bezworen met mantra’s als ‘Nederlanders zullen zich altijd blijven verenigen’. Dat mag zo zijn, maar ook als dat waar blijkt, dan nog is het de vraag of geïnstitutionaliseerde verenigingen daarvan de vruchten zullen plukken. En of zij bij ongewijzigd functioneren, ook in de toekomst voldoende aantrekkingskracht houden om (potentiële) leden aan zich te binden.

De vraag is of het erg is dat vertrouwde ledenverenigingen verdwijnen. Kritische beschouwers zetten – onder verwijzing naar de organisatiegraad, geringe zichtbaarheid en activiteit – al langer vraagtekens bij de legitimiteit en representativiteit van vertegenwoordigende verenigingen. Is het niet beter – zo redenen zij – om een eventuele afnemende rol en betekenis van verenigingen in het maatschappelijk bestel te accepteren als een natuurverschijnsel? Onder het motto: tijden veranderen, de rol van verenigingen verandert mee. Misschien ontstaan er nieuwe vormen van georganiseerde verbanden, die meer zijn toegesneden op de wensen en behoeften van de digitale mens. En nemen die de rol en functie van de vertrouwde verenigingen over?

In Nederland (verenigingsland bij uitstek) lijkt het er consensus te bestaan over nut en noodzaak van een professioneel georganiseerd verenigingsleven. En wordt de teruggang er van als bedreigend ervaren. James Kennedy (hoogleraar ‘geschiedenis van Nederland sinds de Middeleeuwen’ aan de UvA) ging in zijn oratie, die hij uitsprak bij het aanvaarden van het hoogleraarschap, in op het afkalven van het verenigingsleven en op de vraag of lossere verbanden beter zijn. Hij stelt dat verenigingen (de band met) hun achterban verliezen, leden minder dan voorheen participeren en steeds minder burgers zich verbonden voelen met – en vertegenwoordigd door – verenigingen. Deze ontwikkeling ziet hij als een bedreiging voor de kwalitatief hoge Nederlandse civil society (die sociale cohesie en maatschappelijk vertrouwen stimuleert) en daarmee als bedreiging voor een goed functionerende democratie. Hij betwijfelt of de lossere, decentrale verbanden, die burgers steeds meer kiezen ‘voldoende robuust zijn om een waardevolle bijdrage te leveren aan de politiek en aan de samenleving’.

http://www.socialevraagstukken.nl/site/2011/05/03/hoe-moet-het-in-dit-land-zonder-verenigingen/

 

Share this article

  • LinkedIn
  • Twitter
  • Facebook
  • Email
Dit item is geplaatst in ontwikkelingen, vereniging en getagged met , , , , , , , , , . Sla op als favoriet.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>