OI kers

Morele grenzen
Soms valt dan opeens die welbekende druppel, loopt de emmer over en voel je je als mens gedwongen om te reageren. Youp van ’t Hek koos er voor om dat al te doen voordat die laatste druppel goed en wel gevallen is. Uit voorzorg. Want hij heeft in zijn leven een paar grenzen gesteld. En die dreigen te worden overschreden. In zijn column in NRC Handelsblad van 2 augustus kondigt hij aan afscheid van de krant te nemen als NRC wordt overgenomen door de Telegraaf. Ook als de journalistieke onafhankelijkheid gewaarborgd blijft. Als het tot overname zou komen, meldt Youp, zal hij de krant met opgeheven hoofd verlaten en voegt daar aan toe ‘en ik ga er van uit dat ik dat niemand hoef uit te leggen.’ Als NRC lezer ga ik er ook van uit dat dat niet nodig is. Dat heeft alles met imago en reputatie te maken.TeleNRC

Doorslaggevend
Net als andere beslissingen, berust de keuze voor een bepaalde krant niet alleen op rationale argumenten (prijs-kwaliteit, scope, stijl), maar evenzeer op gevoel en associaties die worden opgeroepen door de stijl, de onderwerpkeuze, tone of voice. NRC associeer(de) ik altijd met kwaliteitsjournalistiek, diepgang, gedegenheid en nuchtere beschouwende verslaggeving. Bepaald geen zaken die naar boven komen als ik aan de Telegraaf denk. En net als voor Youp van ’t Hek, zijn de waarden die ik aan NRC koppel me genoeg waard om ook als lezer consequenties te verbinden aaneen eventuele overname. Overdreven? Ongerijmd? Een overreactie? Wellicht, maar het voelt gewoon niet goed, NRC onder de paraplu van het Telegraaf concern. En dat gevoel is doorslaggevend. Afgaand op de reputatie en de belevingswereld van beide concerns is hier sprake van een incompatibilité d’humeur.

Geloofwaardigheid
Nu heb ik niet de illusie dat aandeelhouders van Egeria wakker zullen liggen van bezwaren van abonnees tegen de mogelijke overname (aandeelhouders laten zich doorgaans weinig gelegen liggen aan morele grenzen), maar als ik aandeelhouder van de Telegraaf Media Group was, zou dat toch iets zijn om rekening mee te houden. Geloofwaardigheid is een van de belangrijkste pijlers onder het fundament van een organisatie. Welke dan ook. Wordt die aangetast, dan dreigt verlies aan steun van derden, die voor het gezond functioneren juist essentieel is. In die context is beeldvorming van grote invloed.

Niet handelen naar waarden die je als organisatie uitdraagt roept vragen en soms weerstand op. Dat geldt voor (semi)publieke organisaties en instellingen die niet de publieke zaak, maar vooral het Astoria_Keizersgracht_Amsterdameigen belang lijken te behartigen. Dat geldt ook – zoals Greenpeace nu ondervindt – voor NGO’s en ideële organisaties die in de loop van hun bestaan steeds verder verwijderd raken van hun oorsprong. Dat Greenpeace destijds met het hoofdkantoor domicilie koos in gebouw Astoria aan de Amsterdamse Keizersgracht, was voor mij al een teken dat de organisatie het spoor bijster begon te raken. En daarmee de druppel, waar ik consequenties aan moest verbinden.

De huidige onvrede van medewerkers over het management, dat zich niet aan de kernwaarden van de organisatie zou houden, komt dan ook niet onverwacht. Net als sommige organisaties (waaronder verenigingen) is Greenpeace in een stadium beland waarin doel (bereiken van het ideaal dat aan de oprichting ten oorsprong lag) en middel (de organisatie zelf) steeds meer verweven zijn geraakt en de tijd, energie en middelen in toenemende mate worden gebruikt om een impliciet nieuw doel (het voortbestaan van de eigen organisatie) te veilig te stellen. Het is maar de vraag hoe geloofwaardig een organisatie, die zich beijvert voor een schoon milieu, wordt gevonden als zij er niet tegelijkertijd in slaagt om het interne milieu zuiver en zonder smet te houden. De recente berichtgeving zal het imago van de organisatie geen goed doen en mogelijk voor meer donateurs die vermaledijde laatste druppel vormen.

Op August 5, 2014 door Menno in bestuur, nieuws, ongesorteerd, ontwikkelingen
Tags , , , , , , , , , , ,

Laat een reactie achter